Licht of Donker

Een keuze voor zomer- of wintertijd bepaalt hoeveel licht wij mogen beleven en op welk moment van de dag we dat mogen doen.

Licht of Donker

De zon komt elke dag weer op, maar hoe laat dat is, is niet anders dan een afspraak die we met elkaar maken. Die afspraak bepaalt dus ook hoeveel licht we als mens per jaar mogen beleven. We gaan in deze blog eens kijken hoe de verschillende tijdafspraken uitpakken voor Jan Klok (onze voorbeeldburger). Nog even in het zeer kort: Jan staat doordeweeks om kwart over zeven uur op en gaat netjes om elf uur naar bed. Hij slaapt in het weekend ‘uit’ tot acht uur en gaat dan om twaalf uur naar bed.

Tijdstippen wanneer de zon opkomt en ondergaat in geval van permanente wintertijd (blauw), permanente zomertijd (oranje) of zomer/wintertijd (rood).

+179 + 192 +339

Als we voor Jan klok eens uitrekenen hoeveel uren jan dingen in het licht kan doen blijkt dat hij veel minder licht heeft in geval van permanente wintertijd of in een situatie waarin de klok wordt verzet (DST). In geval van DST heeft Jan 179 uur extra licht per jaar! In geval van een permanente zomertijd is dat maar liefst 192 uur! En je kan de zomertijd nog wat extra oprekken (ik heb dat maar even de superzomertijd genoemd). In dat geval zetten we de klok ten opzichte van de wintertijd permanent 2 uur vooruit. Een keuze voor een superzomertijd betekent voor Jan maar liefst 339 uur meer licht dan in het geval van een permanente wintertijd.

Hoeveel extra licht per jaar die Jan Klok mag beleven t.o.v. de wintertijd bij de verschillende tijdopties. WT = wintertijd, ZT = zomertijd, DST = Daylight Saving Time (klokverzetten) en SZT = superzomertijd.

Dat is niet niks

En nu kun je je afvragen: 179 uur of 192 uur, is dat veel? En dan zeg ik: Ja dat kun je echt wel zeggen – dat is namelijk heel erg veel. In 179 uur kan ikzelf maar liefst 767 keer naar mijn werk en ook weer terug fietsen. Ik woon weliswaar niet zo ver van mijn werk als Jan Klok. Maar zelfs Jan Klok, die 30 minuten van zijn werk woont, fietst in 179 uur 179 keer naar zijn werk en ook weer terug. Omdat hij in vakanties en weekenden niet naar zijn werk hoeft, is 179 uur bijna de complete reistijd van Jan in een heel jaar. En stel dat we de uren licht die ze van ze van ons willen stelen er in de winter af zouden gaan, dan zou het ongeveer van half december tot half januari compleet donker zijn. 179 uur betekent meer dan drie weken complete duisternis. Pfff! En dan heb ik het nog niet gehad over een permanente zomertijd en al helemaal niet over een superzomertijd (339 uur). Dat zijn echt heel veel uren genieten.

Donker is geen pretje.

Verdeling over de dag

Nu is de hoeveelheid licht die iemand meemaakt ook niet alles zeggend. Het is natuurlijk ook belangrijk wat de persoon wil doen met zijn leven op een bepaald moment. Het moet wel licht zijn op het moment dat jij licht wilt hebben.

Jan Klok loopt dus graag hard

Als voorbeeld wil ik het graag hebben over Jan en zijn hobby. Jan Klok wil graag hardlopen na het avondeten. Het liefst doe hij dat van acht tot negen. Dan is het fijn als op dat moment licht is. Want hardlopen in het donker is gewoon niet top. Je kan makkelijker een misstap maken. Je loopt dus minder ontspannen. Ander verkeer ziet je minder. En misschien zit er ook nog wel een monster of wrede moordenaar in een donker hoekje op je te wachten. Ja echt hoor, sommige mensen zijn een beetje bang in het donker. Maar goed… voor Jan, die drie keer per week hardloopt, betekent het dat hij in geval van permanente wintertijd 87% in het donker loopt en in geval van permanente zomertijd of Daylight Saving Time (DTS) 64-65%.

Uren dat jan in het donker moet en in het licht mag hardlopen (afhankelijk van de starttijd).

En Jan is ook flexibel

Maar stel nu dat Jan best wel een beetje flexibel is. Hij wil wel graag hardlopen na het werken, maar het maakt hem niet zo heel veel uit wanneer. Maar wel graag in het licht. Jan kan dus starten om zes uur (hij wil nog wel even uitblazen van het fietsen). In dat geval loopt Jan in geval van permanente wintertijd 48% in het donker. In geval van permanente zomertijd is dit maar 29% (en dus 71% in het licht). Dat is toch wel lekker. Voor Jan zou overigens de superzomertijd helemaal ideaal zijn. Dan is het bijna altijd licht als hij rent.

Meer licht betekent meer tijd om leuke dingen te doen.

Andere activiteiten

Uiteraard is niet alleen hardlopen belangrijk. Mensen doen van alles en nog wat. Ik heb daarom in deze blogs voor een aantal aspecten eens gekeken wat de gevolgen van een keuze voor wintertijd, zomertijd, daylight Saving time en de superzomertijd zijn. Het gaat dan bijv. om :
Hardlopen, barbecueën, naar buiten gaan
Gezondheid
Het natuurlijke bioritme
Energieverbruik, klimaat en milieu
Risico’s in het verkeer
– Financiën